Johannes Calvijnschool Gouda

Basisschool op Protestants Christelijke grondslag

Groep 1-2c: thema 'onderweg naar school'
Groep 7b: fruitsculpturen
Groep 1-2c: bezoek Rijkswaterstaat
Meester van Dam jarig!
Groep 5b: fruittraktatie

Zorg

Algemeen

Het onderwijs op onze school richt zich op een ononderbroken ontwikkeling van het jaarstofklassensysteem. Het onderwijs dient zo georganiseerd te worden dat binnen de groep tegemoet gekomen wordt aan de ontwikkelingsmogelijkheden van de leerlingen en het onderlinge niveauverschil. We streven ernaar om bij zoveel mogelijk vakken op verschillende niveaus te werken. Zo is er voor de leerlingen die dat aankunnen verdiepings- en verrijkingsstof. Voor de leerlingen die moeite hebben met de basisstof wordt de stof aangepast.

Bij het bepalen van deze niveaus in een groep gaan we zorgvuldig te werk en maken gebruik van observatie-, toets- en onderzoekgegevens. De intern begeleider wordt hierbij altijd ingeschakeld. Binnen de sociaal-emotionele vorming willen we zoveel mogelijk preventieve zorg bieden. We doen dit door middel van Kinderen en hun sociale talenten. In deze lessen leren de kinderen gewenst sociaal gedrag. Twee keer per jaar wordt een sociogram gemaakt, waarin de groepsverhoudingen naar voren komen. Aan het begin van het jaar vult elke groepsleerkracht van een aantal kinderen/ hele klas een vragenlijst in over de sociaal-emotionele ontwikkeling. Het programma wat we hiervoor gebruiken is ZIEN. Tijdens de 10-minuten-gesprekken in november (voor groep 1-2 in februari) wordt de sociaal emotionele ontwikkeling met de ouders besproken. Tijdens de 10-minuten-gesprekken in het voorjaar voor groep 3-8 staan de leerresultaten centraal.

Leerlingvolgsysteem

In groep 1 en 2 wordt gebruik gemaakt van het leerlingvolgsysteem van KIJK en CITO.
In de groepen 3 t/m 8 hebben we de methodegebonden toetsen en methodeonafhankelijke toetsen van CITO en AVI. De methodegebonden toetsen geven aan of de behandelde leerstof is begrepen. De methodeonafhankelijke toetsen geven een beeld van het leerling-niveau t.o.v. een landelijk genormeerd gemiddelde. Alle toetsmomenten zijn vastgelegd in een toetskalender. De AVI en DMT toetsen worden buiten de groep door toetsmoeders afgenomen. De overige toetsen vinden in de klas plaats. De toetsresultaten worden vier keer per jaar door de intern begeleider en de groepsleerkracht besproken.
Daarnaast wordt het leerlingvolgsysteem Parnassys gebruikt op het computernetwerk, zodat de (resultaten en de omstandigheden van) leerlingen gedurende hun hele schoolloopbaan makkelijk en efficiënt bij te houden zijn.

Zorg.. een veel omvattende poot binnen school

Om tot goede zorg te komen is het van belang dat er contacten zijn met diverse instanties. Allereerst wordt u als ouder natuurlijk op de hoogte gebracht van de ontwikkelingen van uw kind. Dit gebeurt d.m.v. de rapporten, 10-minutengesprekken, ouderbezoeken en soms ook extra gesprekken.

Schoolbegeleidingsdienst: De dienstverlening van de SBD bestaat uit:
- Schoolbegeleiding: dit houdt onder meer in dat er ondersteuning wordt verleend bij het invoeren van nieuwe leermiddelen, helpen bij het versterken van de schoolorganisatie enz.
- Leerlingbegeleiding: hulpverlening ten behoeve van die kinderen die belemmeringen ondervinden in het leer- en ontwikkelingsproces. Dit kan door gesprek, observatie en/of onderzoek. Hierbij vindt altijd overleg plaats tussen ouders, leerkracht en intern begeleider. Drie keer per jaar vindt er een MPO (= meerpartijenoverleg) plaats over zorgleerlingen. Dit is een overleg tussen de interne begeleider en diverse externe organisaties als bijv. schoolbegeleidingsdienst, schoolarts en jeugdzorg.

Schoolmaatschappelijk werk: De schoolmaatschappelijk werkster kan op onze school behulpzaam zijn in de aanpak van problemen rondom pestgedrag, weerbaarheid, faalangst, sociale vaardigheden enz. Ook kan zij kinderen helpen door gesprekken en bv. rollenspellen. Ze zal in alle gevallen ook de ouders op de hoogte houden en eventueel ook met de ouders spreken. Ook met vragen over opvoedingsondersteuning kunt u bijhaar terecht. De hulp is laagdrempelig, kortdurend ( een tot vijf gesprekken zijn meestal voldoende) en wordt op school gegeven. Aanmelding voor deze hulp gaat via de IB-ers. Ouders zullen altijd middels een handtekening akkoord moeten gaan met deze hulp. Als blijkt dat deze hulp onvoldoende is kan zij een advies geven om contact op te nemen met andere instanties.

Ambulante begeleiding: Wanneer blijkt uit observatie en toetsing dat een leerling bij ons op de basisschool niet de juiste hulp kan krijgen dan doen we een beroep op de ambulant begeleider uit het speciaal basisonderwijs of vanuit één van de scholen behorend bij één van de clusters van het speciaal onderwijs. Dit gebeurt altijd na overleg met de leerkracht, intern begeleider, en de ouders. Speciaal onderwijs: Mocht al deze hulp niet tot het gewenste resultaat leiden dan kan in onderling overleg besloten worden om een verwijzing naar het speciaal basisonderwijs aan te vragen.

Samenwerkingsverband: Vanuit de overheid zijn er afspraken gemaakt die moeten voorkomen dat kinderen met bepaalde leer- en/of gedragsproblemen te makkelijk verwezen worden naar het speciaal basisonderwijs. Om het aantal aanmeldingen beheersbaar te houden is een landelijk netwerk van samenwerkingsverbanden opgezet. Zo’n verband bestaat uit een school voor speciaal basisonderwijs. (In ons geval de Ds. N.H. Beversluisschool) en een aantal basisscholen. Deze afspraak wordt: Weer Samen Naar School (WSNS) genoemd. De IB-ers volgen netwerkbijeenkomsten, georganiseerd door het samenwerkingsverband. Ook wordt er een keer in de twee jaar een teamdag georganiseerd.

Visie op integratie van kinderen met een handicap

Op onze school zijn binnen het toelatingsbeleid in principe alle kinderen welkom die behoren tot het normale voedingsgebied van onze school. Wel wordt bij aanmelding bekeken, of verwacht mag worden dat het team dit kind kan begeleiden zonder dat het kind of de andere kinderen daardoor te kort komen. Plaatsing van kinderen met extra zorg en aandacht hangt af van de mogelijkheden die er op school zijn. Leerlingen met extra zorg en aandacht vallen onder speciale leerlingbegeleiding. Dit houdt in, dat wij accepteren dat leerlingen niet op dezelfde manier en in hetzelfde tempo leren. We gaan uit van verschillen tussen leerlingen bij het kiezen van onze leerinhouden en doelen, waarbij de differentiatiecapaciteiten van leraren ook een rol spelen. Steeds opnieuw zal bekeken worden of er voor dit kind nog voldoende mogelijkheden op school zijn. Verwijzing naar het speciaal onderwijs is in de toekomst niet uitgesloten. Wanneer tot plaatsing wordt besloten, moet duidelijk zijn dat:
- de leerkracht waarbij het kind wordt geplaatst extra tijd beschikbaar krijgt voor zaken als bijscholen en externe contacten.
- de extra formatie die wordt ontvangen voor dit kind goed benut wordt.
- de ouders en de leerkracht elkaar van goede informatie voorzien.
- de ouders gevraagd zal worden bij te springen indien nodig.
- de intern begeleider regelmatig betrokken is bij het overleg over deze leerling.

 

Dreef 200 | 2803 HE Gouda | 0182-513555 | calvijnschool@calvijnschoolgouda.nl |

© 2013. powered by emjee ICT diensten. |Inloggen |